Peuters 1,5 – 4 jaar

Peuters 1,5 - 4 jaar

Peuters (1.5 tot 4 jaar) komen een aantal keren spelen met het spelmateriaal dat in de behandelruimte aanwezig is. Zo kan de kinderfysiotherapeut het kind enerzijds observeren, anderzijds kan het kind vertrouwd raken met de therapeut en de omgeving, waarna het proces van onderzoek en behandeling spelenderwijs kan verlopen.
In de loop van een aantal behandelingen besluiten we of we de begeleiding voortzetten of dat we bijvoorbeeld doorverwijzen naar een andere discipline. Soms is ook advies aan de ouders voldoende om het kind te stimuleren in de motorische ontwikkeling.

Welke signalen worden door de peuter afgegeven of wat ligt aan de problematiek ten grondslag?

• motorische ontwikkelingsachterstand (veel vallen, niet soepel bewegen)
• tenenlopers
• ademhalingsproblemen (astma, cystic fibrosis of taaie slijmziekte)
• hersenbeschadiging (spasticiteit)
• neuromusculaire aandoening (spierziekte)
• hypermobiliteit

kinderfysio